Voorzitter Stedelijk Comité 4 & 5 mei Zaanstad geeft stokje door

In 1983 werd Els Veenis-Kaak vanuit de gemeenteraad gevraagd om zitting te nemen in het 5 mei Comité, zoals het toen nog heette. In 2010 werd Els voorzitter van het Stedelijk 4 & 5 mei Comité Zaanstad. 

2015 was het jaar waarin we vierden dat Nederland 70 jaar geleden werd bevrijd. De feestelijkheden en herdenkingsactiviteiten die in dit lustrumjaar zouden plaatsvinden wilde Els Veenis-Kaak graag nog organiseren en coördineren. Die taak heeft deze veteraan dankzij haar jarenlange ervaring, haar organisatorische talenten en het enorme netwerk dat ze in de loop van de jaren heeft opgebouwd, met verve volbracht. Herdenkingsdag en Bevrijdingsdag 2015 waren een groot succes in heel Zaanstad. Nog nooit was de opkomst zo groot op beide dagen.

Na dit grote succes en na  32 jaar lid te zijn geweest van Het Stedelijk Comité 4 & 5 mei Zaanstad waarvan de laatste 5 jaar als voorzitter vindt Els Veenis-Kaak het tijd om het stokje door te geven. Onno Hoekmeijer zal vanaf medio oktober de nieuwe voorzitter worden van Het Comité. Hoekmeijer werkte meer dan 30 jaar bij de gemeente Zaanstad en was daarna onder andere voorzitter van het bestuur van Het Kunstcentrum, hij was nauw betrokken bij het project Monumenten Spreken dat nu ondergebracht is bij het Stedelijk Comité 4 & 5 mei Zaanstad, hij schreef een boek waarin hij de ervaringen van vier familieleden over de Tweede Wereldoorlog opschreef. Kortom: een waardig opvolger.

Verzetsmuseum Amsterdam opent tentoonstelling over beeldmanipulatie Nederlands-Indië

De koloniale oorlog 1945-1949. Gewenst en ongewenst beeld

 

Recent  laaien de discussies op over het  door Nederlandse militairen gepleegde geweld  tijdens de dekolonisatie-oorlog  in  Nederlands-Indië. Waardoor bleef het extreme geweld – van beide kanten – zo lang onbekend bij het grote publiek? Een van de oorzaken is de gemanipuleerde beeldvorming in de Nederlandse pers. Verzetsmuseum Amsterdam zet in de tentoonstelling De koloniale oorlog 1945-1949. Gewenst en ongewenst beeld op een rijtje welke beelden de bevolking destijds wel en doelbewust niet te zien kreeg. De tentoonstelling wordt officieel geopend op 25 november 2015 en is open voor publiek van 26 november 2015 tot en met 3 april 2016.

De Nederlandse bevolking kreeg eind jaren veertig in de media geen beelden te zien van gevechten en slachtoffers. Lezers en bioscoopbezoekers kregen ‘onze jongens’  te zien die in militaire uniformen humanitaire hulp boden aan de dankbare Indonesische bevolking. Pas de laatste jaren duiken er meer gewelddadige beelden op: (pers)foto’s uit archieven die destijds niet werden vrijgegeven door de militaire censuur of privé-foto’s uit de albums van Nederlandse soldaten. Louis Zweers, die in 2013 promoveerde op dit onderwerp en NIOD-medewerkers Erik Somers en René Kok ontdekken nog steeds foto’s die niet eerder zijn gepubliceerd: beelden van soms bruut behandelde krijgsgevangen Indonesiërs, platgebrande kampongs en omgekomen strijders. Foto’s die een nieuw licht werpen op de koloniale oorlog. Hier tegenover zijn de foto’s en films te zien die werden vrijgegeven door de militaire voorlichtingsdiensten, en talrijke exemplaren van de geïllustreerde weekbladen die destijds miljoenen lezers hadden, zoals Panorama, Katholieke Illustratie en De Spiegel. De tentoonstelling geeft inzicht in de invloed en methodes van de propaganda.

 

Nederland was zo kort na de Tweede Wereldoorlog niet toe aan een afscheid van ‘Ons Indië’. Terwijl het moederland nog in puin lag, werden meer dan 120.000 militairen, vooral dienstplichtigen, verscheept om de kolonie te behouden. De militaire operaties (aanvallen) werden ‘politionele acties’ (acties) genoemd; de Indonesische bevolking zou worden bevrijd van de terreur van een kleine groep opstandelingen onder leiding van Sukarno. Foto’s in kranten en geïllustreerde weekbladen en journaalfilms bevestigden dit verhaal en stelden het Nederlandse thuisfront gerust. Maar de gepubliceerde foto’s en journaalfilms vertekenden en verbloemden de werkelijkheid. Het streven naar onafhankelijkheid werd door de Indonesische bevolking breed gedragen en er werd in werkelijkheid een bloedige oorlog uitgevochten.

 

De tentoonstelling De koloniale oorlog 1945-1949. Gewenst en ongewenst beeld  is mede mogelijk gemaakt door  Nationaal Comité 4 en 5 mei, Mondriaan Fonds,  vfonds,  Prins Bernhard Cultuurfonds/Christiaan G. van Anrooij Fonds, Stichting Democratie en Media, de Stichting ter bevordering van de Christelijke Pers en Stichting Centrum voor Propaganda voor Eenheid in de Vakbeweging.

Zaanse dichters schrijven poëzie bij lokale oorlogsmonumenten

Bij diverse oorlogsmonumenten staan we op 4 mei stil bij de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog. Omdat het dit jaar zeventig jaar geleden is dat Nederland werd bevrijd, schreven Zaanse dichters poëzie bij alle 28 lokale monumenten.

Op initiatief van stadsdichters Kees-Jan Sierhuis en Mandy Pijl en Gerrit van den Nieuwendijk van het Stedelijk Comité 4 en 5 mei Zaanstad, schreven leden van de Zaanse Dichterskring, maar ook andere bekende dichters, gedichten bij de monumenten in Zaanstad, Wormerland en Oostzaan.

“Er zijn schurende gedichten geschreven, maar ook ontroerende en verstillende poëzie,” vertelt Van den Nieuwendijk, zelf ook een van de dichters. “Het was een schrijfproces waar alle dichters flink mee hebben geworsteld. Soms moest het echt uit de tenen komen. Want vat verzet, heldenmoed, angst en moord maar eens samen in één gedicht.”

De gedichten zijn volgens Van den Nieuwendijk in de eerste plaats een eerbetoon aan de oorlogsslachtoffers. “Bij dit project gaat het niet om de dichters, maar om hen die hun leven hebben gegeven. Ook houdt de poëzie ons voor: wie de ogen sluit voor het verleden, is blind voor de toekomst.”

De gedichten zijn in beperkte oplage gedrukt, maar u kunt ze op deze site lezen, maar ook printen.

Van bestand Voor Monumenten Spreken krijgt u de gedichtenbundel op paginavolgorde.

Van bestand ‘boekje gezet poezie’ krijgt u de gedichten in boekvorm A5, dubbelzijdig.

Koning opende tentoonstelling Verzetsmuseum

Koning Willem-Alexander heeft de tentoonstelling Geen nummers maar Namen – Nederlandse politieke gevangenen in concentratiekamp Dachau in Verzetsmuseum Amsterdam geopend. Door letterlijk nummers in namen van oud-Dachau-gevangenen te veranderen gaf hij de oud-gevangenen hun naam terug en verklaarde hij de tentoonstelling voor geopend.

Tussen  1941 en 1945 zaten ruim tweeduizend Nederlanders, voornamelijk politieke gevangenen, in concentratiekamp Dachau. Bij binnenkomst kregen ze een nummer; hun naam deed er niet langer toe. Door jongeren geschreven biografieën vormen de basis van de tentoonstelling.

Oud-Dachau-gevangene Willemijn van Gurp wist in Dachau onder meer te overleven door een liederen- en psalmenboekje te schrijven. Aan haar jonge biografen Jelle Braaksma en Jop Bruin was het de eer om de tentoonstelling samen met de Koning te openen. Jop Bruin vertelde dat ze er sinds het project een vriendin bij hebben: ‘Willemijn zet ons aan het denken waar het in het leven echt om gaat.’

Oud-Dachau-gevangene Ernst Sillem en zijn jonge biografen Sydney Weith en Tess Meerding vertelden eveneens over hun bijzondere samenwerking. Sydney gaf aan dat de positieve levenshouding van Ernst een grote inspiratiebron voor beide meiden is. De verbinding tussen de oude en jonge generatie maakt Geen nummers maar Namen tot een bijzonder project.

Na de openingshandeling bezocht Koning Willem-Alexander samen met directeur Liesbeth van der Horst en conservator Karen Tessel de tentoonstelling. In de tentoonstelling waren alle jonge biografen en zes oud-Dachau-gevangenen eveneens aanwezig. Samen stonden zij stil bij de indrukwekkende verhalen.

Koning opent tentoonstelling in Verzetsmuseum Amsterdam

Zijne Majesteit Koning Willem-Alexander opent woensdagmiddag 22 april 2015 de tentoonstelling Geen nummers maar Namen in Verzetsmuseum Amsterdam. In de tentoonstelling staan Nederlandse politieke gevangenen centraal die tijdens de Tweede Wereldoorlog gevangen zaten in concentratiekamp Dachau. Door jongeren geschreven biografieën van voormalige gevangenen vormen het uitgangspunt van de tentoonstelling.

Tussen 1941 en 1945 zaten meer dan tweeduizend Nederlanders, voornamelijk verzetsmensen, gevangen in concentratiekamp Dachau. In de tentoonstelling laten aangrijpende persoonlijke verhalen en voorwerpen zien hoe zij probeerden te overleven in een kampsysteem dat was gericht op ontmenselijking. Jaap van Mesdag maakte muziek, Pim Boellaard had een dambord in de deksel van zijn kampkist, Lies Bueninck-Hendrikse hield een foto van haar dochtertje Joke verstopt, Willemijn van Gurp schreef een liederen- en psalmenboekje en Frits van Hall wist kleine reliëfs te maken.

Ontmoeting tussen generaties
Verhalen van oud-Dachau-gevangenen zijn de afgelopen jaren opgetekend door Nederlandse jongeren tussen de 16 en 19 jaar. Zij deden uitgebreid onderzoek, interviewden voormalige kampgevangenen of hun nabestaanden en bezochten de plekken waar zij gevangen zaten. In korte filmpjes vertellen jongeren in de tentoonstelling hoe de verhalen hen hebben geraakt. In samenwerking met Amnesty International belichten jongeren ook het lot van drie hedendaagse politieke gevangenen.

Interactief monument
Middelpunt van de tentoonstelling is een interactief monument voor alle Nederlandse gevangenen in Dachau. In het monument kan het publiek zoeken naar de personen achter de kampnummers. Wat was hun naam, wanneer kwamen ze in Dachau aan, hoe is het hen daar vergaan? Het Verzetsmuseum nodigt bezoekers ook uit informatie over oud-gevangenen toe te voegen aan het monument, zodat een steeds rijker beeld ontstaat.

70 jaar bevrijding
Ter gelegenheid van 70 jaar bevrijding vinden diverse evenementen plaats in het kader van Geen nummers maar Namen. Daarbij werkt het Verzetsmuseum samen met scholen, organisaties van kampslachtoffers, herinneringscentra in Nederland en Duitsland en Amnesty International.

De tentoonstelling Geen nummers maar Namen  is van 23 april t/m 25 oktober 2015 in Verzetsmuseum Amsterdam te bezichtigen. Zie voor meer informatie www.verzetsmuseum.org

Voorstelling Maarten Peters 22 april in Het Zaantheater

Maarten Peters, songwriter voor onder anderen Liesbeth List, Rob de Nijs en Margriet Eshuijs, schrijft sinds 1999 elk jaar een nieuw lied voor de 4 mei-Herdenking in Westerbork. ‘Noodzaakliedjes’, noemt hij ze zelf, als kleine monumentjes. Dit jaar is het zeventig jaar geleden dat er een einde kwam aan de oorlog. Om hierbij stil te staan, maakte Maarten Peters de muziekvoorstelling Bevroren Tranen, waarin hij al zijn prachtige poëtische liedjes brengt.
 
Naast het zingen van zijn liederen vertelt Maarten Peters over gebeurtenissen en ontmoetingen met bijzondere mensen die hem inspireerden tot het schrijven van dit unieke repertoire. Hij illustreert zijn verhalen met korte filmpjes. Het decor van de voorstelling bestaat uit mooie beeldcollages waarin historisch beeldmateriaal van de Zaanstreek is verwerkt.

De voorstelling is te zien op 22 april in Het Zaantheater.

Kaarten voor deze prachtige voorstelling kunt u hier bestellen.

Bedankt voor onze vrijheid!

Het boek Bedankt voor onze vrijheid! is geschreven door de 34 jarige Leonie Vrieze uit Varsseveld.

De inspiratie voor het boek is voortgekomen uit de verhalen van de familie van Leonie. 

In het boek staan verhalen over de Rademakersbroek, De slag bij de Grebbeberg, De Februaristaking, het isoleren en vervolgen van de Joodse gemeenschap, Kamp Westerbork, Het Verzet, Dwangarbeid, De Slag om Arnhem, De razzia in Putten, De Hongerwinter, Nederlands-Indië en De Bevrijding. Tussen de verhalen door vindt u prachtige foto’s van bijbehorende oorlogsmonumenten, gemaakt door de schrijfster zelf.

Ieder verhaal begint met de beschrijving van een persoonlijke situatie uit de tijd dat de beschreven gebeurtenis plaats vond. Ook maakt de schrijfster een koppeling met het heden, zodat de lezer kan nadenken over de hedendaagse maatschappij.

Het boek is aantrekkelijk voor jong en oud en u kunt het bestellen bij www.actua-uitgeverij.nl

Start van het fortenseizoen

Hart van de Stelling van Amsterdam!

De Forten bezocht, maar nog nooit het Hart van de Stelling?!

Op zaterdag 18 en zondag 19 april van 11.00 tot 16.00 uur staan de rondleidingen van het Hembrugmuseum op het Hembrugterrein in Zaandam in het teken van de Stelling van Amsterdam.

Binnen de Stelling van Amsterdam moest alles aanwezig zijn voor een langdurig beleg. Een munitie- en wapenfabriek waren noodzakelijk. Het Delftse munitie- en wapenbedrijf werd daarvoor uitgebreid met een nieuwe locatie: het uitgestrekte Hembrugterrein in Zaandam, nu een belangrijk monumentaal industrieel erfgoedcomplex. Het Hembrugmuseum vertelt het verhaal van de rijke geschiedenis van deze 324 jaar oude wapen- en munitiefabriek. Op het programma staat ondermeer een wandeling met gids over een deel van het monumentale terrein naar het Sectorpark Zaandam, inclusief een bezoek aan een oude munitie opslagbunker, tevens rijksmonument, ingericht als werkplaats anno 1900. In deze munitie opslagbunker vinden afwisselend vertoningen van documentaires over het Hembrugterrein en de Stelling van Amsterdam plaats. Er is een informatiekraam van MEGA (Stichting Militair Erfgoed Groot Amsterdam) over de Stelling van Amsterdam en het Unesco Werelderfgoed. Een feestelijke omlijsting van het programma refereert aan de destijds legendarische activiteiten van de Personeelsvereniging van Eurometaal NV en de AI, Artillerie Inrichtingen.

Voor verdere informatie gaat u naar www.hembrugmuseum.nl

Uniek digitaal lesproject Monumenten Spreken nadert voltooiing

28 films over de oorlog in De Zaanstreek, 90 getuigen geïnterviewd

Na vier jaar is Monumenten Spreken klaar. De films over de Zaanstreek in de Tweede Wereldoorlog zijn af. De lessen voor het basis- en voortgezet onderwijs zijn gemaakt. De website (www.monumentenspreken.nl) gaat ‘live’ op 31 maart als het pakket wordt overgedragen aan het Stedelijk Comité 4 en 5 mei  Zaanstad.

De Februaristaking, de Jodenvervolging, de razzia op de Burcht, de liquidatie van politiecommissaris Ragut door Hannie Schaft op de Westzijde, de moord op verzetsman Piet Zwart door mede-verzetsleden, de heimelijke ontmanteling van Van Gelder Papier, de Verblifa-staking in Krommenie, de represailles aan de Zaanweg, de Provincialeweg, de Leeghwaterweg, bij de Bernhardbrug en op de Burcht, het terreurbewind van de Oostzaanse NSB-burgemeesters… al deze en nog veel meer gebeurtenissen staan centraal in de 28 mini-documentaires die Monumenten Spreken over de Zaanstreek in de oorlog maakt.

Nergens in Nederland is op zo’n manier de oorlog in beeld gebracht. Dat komt vooral omdat er met 90 ooggetuigen is gesproken. Zij vertellen de verhalen waarvan de 28 Zaanse oorlogsmonumenten de stille getuigen zijn.

Zij waren erbij toen Hannie Schaft politiecommissaris Ragut neerschoot, ze zagen hoe Todeskandidaten door de Duitsers werden neergeschoten als represaille op liquidaties door het verzet, ze waren ooggetuige van die liquidaties, ze hadden onderduikers in huis of moesten zelf onderduiken, ze werd tewerk gesteld in Duitsland, of deden mee aan de Februaristaking. Ze zagen hoe hun vader gearresteerd werd om nooit meer terug te komen.

Op 31 maart wordt het project overdragen in het Zaantheater. Er zal gesproken worden door burgemeester Geke Faber, Monumenten Spreken-voorzitter Merel Kan en Els Veenis-Kaak, voorzitter van het Stedelijk Comité 4 en 5 mei Zaanstad. Tijdens de bijeenkomst die om 13:00 begint, wordt opgetreden door de Zaanse band De Kift. Zij hebben ook voor alle muziek bij de documentaires gezorgd. Twee films van Monumenten Spreken, over de monumenten bij de Bernhardbrug en op de Burcht gaan deze dag in première.

Frans Timmermans houdt Willem Arondéuslezing

HAARLEM – Eurocommissaris en eerste vice-voorzitter van de Europese Commissie Frans Timmermans houdt op 12 mei 2015 de Willem Arondéuslezing in de Grote of St. Bavokerk in Haarlem. Vorig jaar werd de lezing gehouden door Boris Dittrich.

Frans Timmermans is sinds 1 november vorig jaar vicevoorzitter van de Europese Commissie. In die functie is hij verantwoordelijk voor Betere regulering, interinstitutionele verhoudingen, duurzame ontwikkeling en fundamentele rechten.

Voordat Timmermans Eurocommissaris werd was hij onder meer minister van Buitenlandse Zaken, staatssecretaris van Buitenlandse Zaken en Tweede Kamerlid voor de PvdA. Als Kamerlid had hij defensie en buitenlandse zaken in zijn portefeuille.

Eigenzinnig

De Willem Arondéuslezing is door Provinciale Staten van Noord-Holland ingesteld als eerbetoon aan Willem Arondéus (1894-1943) die tijdens de Tweede Wereldoorlog actief was in het kunstenaarsverzet. In 1943 was hij een van de leiders van de overval op het Amsterdams bevolkingsregister, een actie waarvoor hij, na een schijnproces, in de duinen van Overveen werd terechtgesteld.

Arondéus was eigenzinnig en kwam op jonge leeftijd, indruisend tegen de mores van zijn tijd, openlijk uit voor zijn homoseksuele geaardheid. Zelfs in de liberale kunstenaarskringen waarin hij verkeerde was dit gedurfd en ongewoon.

Arondéuslezing

Doel van de Arondéuslezing is dat iemand uit de wereld van wetenschap, cultuur, journalistiek of religie een lezing houdt met de eigenzinnigheid van Arondéus als inspirerende leidraad

De Arondéuslezing werd in voorgaande jaren gehouden door, onder andere, mensenrechtenactivist, schrijver en oud-politicus Boris Dittrich en journalist Step Vaessen.

Wie de lezing bij wil wonen, dient zich aan te melden via een aanmeldingsformulier op de website van de provincie. Klik hier om direct naar het aanmeldformulier te gaan.

bron: Noordhollands Dagblad, geschreven door Roel van Leeuwen